Almere maakt ruimte voor Het Huis van Het Vergeten Kind

11/09/2017

In Almere komt een plek voor kinderen met een instabiele of onveilige thuissituatie. Het gaat om een gebouw waar ze hun zorgen en ellende even kunnen vergeten. In 'Het Huis van Het Vergeten Kind' beleven straks ruim 2.600 kinderen per jaar een vakantie of weekend.

Johnny de Mol: 'Kinderen zijn het meest kwetsbaar, maar tegelijkertijd ook het leukste om mee te zijn, mee te spelen en om van te leren. Over vijftien jaar hebben deze kinderen het voor het zeggen en wat wij ze nu meegeven aan positieve ervaringen maakt hen in de toekomst alleen maar sterker. Juist daarom is het zo belangrijk dat dit huis waar zij de aandacht krijgen die ze verdienen er komt.'

René Peeters, locoburgemeester gemeente Almere: 'Almere verwelkomt graag kinderen die extra steun kunnen gebruiken. Hier hebben wij de ruimte en het groen om deze kinderen weer in hun kracht te laten komen. Het Huis van het Vergeten Kind past bij de gastvrijheid van onze jonge stad. Je gunt je kinderen Almere.'

Naast de vakantie’s en weekenden wordt het huis ook doordeweeks gebruikt. Dan kunnen opvanglocaties en scholen uit het speciaal onderwijs er terecht voor kampen. Waar het huis in Almere precies gaat komen is nog niet bekend. 

De VriendenLoterij zamelt op dit moment geld in voor de bouw van het huis. Iedereen die tot en met 30 september een lot koopt steunt de stichting Het Vergeten Kind met de helft van hun lot.

Liefde en aandacht
Onderzoek van UNICEF wijst uit dat Nederlandse kinderen tot de gelukkigste kinderen ter wereld behoren. Dit geluk geldt helaas niet voor hen allemaal. Ruim 100.000 kinderen hebben een onveilig of instabiel thuis, worden verwaarloosd of mishandeld. Dit is in elke schoolklas gemiddeld één. Voor 55.000 kinderen gaat het zelfs zo mis, dat ze noodgedwongen niet meer thuis kunnen wonen.

“Daarom hebben de VriendenLoterij en Het Vergeten Kind samen één doel: deze kinderen hulp, liefde en aandacht geven, zodat ook zij ervaren dat ze ertoe doen en dat het wél anders kan.”

Bron: het Vergeten Kind